Judo Koksijde is een begrip in onze gemeente en tot ver daarbuiten. Onder impuls van trainer Roeland De Croo bestormde de club de internationale top - vooral tijdens de jaren 1990 en 2000. Dat zorgde voor een indrukwekkende prijzenkast – met zelfs Olympische medailles.
Anno 2025 heeft Judo Koksijde nog altijd die topreputatie: de gebroeders Jorne en Jelle Cambier staan nu aan het roer en zijn het gezicht van een bestuurlijke verjonging. Eerst werden de ambities even bijgesteld, maar ze bleven overeind. Met succes.
Tij-dingen: Voor onze jongste lezers. Wat moeten we weten uit die gloriedagen van weleer?
Jelle Cambier: "Roeland De Croo, voormalig judoka, wilde een eigen club oprichten en waagde de sprong: samen met Eddy Pauwels. Dat was in februari 1992. Ze startten in kapel Ster der Zee. Elke training moesten ze de matten klaar leggen en weer weghalen. Een paar jaar later verhuisden ze naar de huidige locatie in Koksijde-Dorp. Roeland en co zorgden ervoor dat Judo Koksijde de grootste club werd van België, met veel nationale titels. Als ploeg en individueel. Roeland zorgde voor een unieke trainingsmethode door talenten samen te brengen tijdens buitenlandse en onze eigen stage. Door het tegen elkaar op te nemen, trainden zijn sporters op het hoogste niveau."
Judo focust op de combinatie van staande skills en grondtechnieken. Heel veelzijdig.
T-d: Er behoorden zelfs wereldtoppers bij.
Jorne Cambier: "Iedereen kent natuurlijk Ulla Werbrouck (ze won goud op de Olympische Spelen in 1996, red.) en recenter Dirk Van Tichelt die brons pakte in Rio. Inge Clement (2-voudig Europees en wereldkampioen, red.) was zelfs trainer. Een strenge. (lacht)"
T-d: Hoe onderscheidt judo zich van andere (gevecht)sporten?
Jorne: "Het is een verdedigingssport. Niet met schoppen of slaan. Het is goed voor je zelfvertrouwen en basiswaarden zoals respect en discipline zijn heel belangrijk."
Jelle: "De nadruk ligt op werp- en greeptechnieken. Je gebruikt de kracht van je tegenstander om hem (of haar) uit balans te brengen en onder controle te houden – op de grond. Niet zoals bijvoorbeeld karate, dat is vooral met stoten en trappen. Judo focust op de combinatie van staande skills (worpen) en grondtechnieken (houdgrepen, verwurgingen, klemmen). Heel veelzijdig."
T-d: Hoe ziet de werking van Judo Koksijde eruit?
Jelle: "Sinds 2013 ben ik bestuurslid. Vandaag ben ik voorzitter en Kim, mijn partner, staat me bij als penningmeester. Ook Ilse is altijd aanwezig op de club en is mijn rechterhand, dat is heel belangrijk als ik zelf op de mat sta. En dan heb je Cindy, zij ontfermt zich over de administratie vanop afstand. "
Jorne: "Samen met Jelle leid ik de trainingen, ik sta in voor de sportieve werking. En onze papa staat elke vrijdagavond achter de bar. Veel vriendschappen voor het leven ontstonden in deze club. Nog over de trainingen: er zijn wekelijks 2 tot 3 niet-verplichte sessies en per maand pakweg 2 toernooien."
Jelle: "Op woensdag en vrijdag vinden er sessies plaats, per leeftijdscategorie. De donderdag kan je langskomen om je techniek bij te schaven. Van tot 19 uur geven we les aan 15 peuters en kleuters (4-6), van 19 tot 20 uur is het aan de lagereschoolkinderen. Met 40 zijn ze. We sluiten de judoavaond af met 20 judoka's die ouder zijn dan 13 jaar. Van 20 tot 21.30 uur. We kunnen ons zeker bezighouden."
Nu willen we eerst de jeugd uit eigen streek doen bewegen
T-d: Wat zijn jullie ambities voor de komende jaren?
Jelle: "Eerst en vooral: onder leiding van Roeland groeide onze club uit tot een topclub, met judoka's op Europees topniveau. Veel jongeren uit Koksijde groeiden zelfs uit tot nationale toppers, maar die weg is lang en tijdrovend. Het is niet zoals padel of voetbal - sporten die je relatief snel aanleert. Bovendien zijn de tijden veranderd, we moesten rekening houden een ruimer sportaanbod in Koksijde. En dan kwam corona. Niet te onderschatten: Jorne en ik werken allebei voltijds, stages en veel regionale trainingen passen moeilijker in onze agenda's."
Jorne: "Judo Koksijde is nog steeds een gerenommeerde club, maar door de omstandigheden een suptopper in Vlaanderen wat resultaten betreft. Veel belangrijker: ons ledenaantal viel terug na corona, maar sinds 2024 hebben we terug hetzelfde aantal leden als ervoor."
Jelle: "Nu willen we eerst de jeugd uit eigen streek doen bewegen. Maar vergis je niet: we zijn ambitieus en mikken ook op goede resultaten. Onze ervaring en kennis van de judosport spreken in ons voordeel. Die topresultaten komen zeker terug. De meest cruciale leeftijdscategorie om in te stappen is rond 'de U11' en net daar viel een groot gat tijdens de coronaperiode. Dus pakken we minder prijzen. Maar dat komt wel goed, mede dankzij onze 3 topcollega-coaches: Aslanbek, Anouk en Alexis."
Jorne: "We slepen nog elke keer enkele medailles in de wacht, zo ook vorig seizoen (2024-2025, red.). Judo Koksijde telt 150 leden. De toekomst is rooskleurig."
T-d: Waren jullie zelf talentvolle judoka's?
Jorne: "Ik startte op vrij late leeftijd, maar tussen mijn 17e en 21e behoorde ik tot de betere vechters op het internationale toneel. Helaas pakte ik geen (inter)nationale titel, daarvoor moet alles meezitten. Mijn generatiegenoten waren erg sterk. Onze andere broer, Joep, zal het mij niet kwalijk nemen als ik zeg dat ik op zich een betere judoka was dan hij. Maar Joep is wel tweevoudig Belgisch kampioen. Zo zie je maar. Helaas sukkelde Joep met blessures, net zoals onze papa trouwens - die ook op latere leeftijd begon."
Jelle: "Mijn beste resultaat? 3 keer 5e op het Belgisch kampioenschap. En één keer Vlaams vicekampioen. Wij gingen altijd voor het podium, alles minder dan dat was voor ons een mislukking. Anderzijds: 'de Cambiertjes' zijn werkers, dus wie van nature geen toptalent is, kan ook ver komen in deze sport. Dat is het belangrijkste."
Jorne: "Zeker. Judo Koksijde onderscheidt zich vooral daarin van andere clubs. En ook op het vlak van begeleiding. Het fysieke aspect is belangrijk en er mag al eens een uitdaging bij zijn. Competitie hoort erbij."
Jelle: "Als je er alles aan doet, is het goed voor ons. Daarna is er nog veel tijd en ruimte voor extrasportieve aangelegenheden. Ook onze zus Joke stond trouwens haar vrouwtje op de judomat."
Het fysieke aspect is belangrijk en er mag al eens een uitdaging bij zijn. Competitie hoort erbij.
T-d: Jullie zijn rasechte Wulpenaars.
Jelle: "Ja, ik woon 'hier' al m'n hele leven. Rustig afgelegen. Met je neus in de natuur. En toch dicht genoeg van alles. Sinds kort help ik ook mee tijdens het groot Landelijk Feest dat hier elk jaar plaatsvindt. Achter de bar. (glimlacht) We werken ook in de streek: ik werk als projectleider bij een bouwbedrijf, Jorne is servicetechnieker in Diksmuide."
T-d: Wat is jullie favoriete judomoment? Hoogtepunten van de club?
Jorne: "De jaarlijkse interclub. We doen als club nog elk jaar mee voor de titel. Met 2 ploegen in de hoogste reeksen vorig jaar: een gouden plak in de hoogste afdeling en 2e op het 2e niveau. Deze competitie is gespreid over 2 weekends en is met 104 Vlaamse ploegen.
T-d: Zijn er niet-sportieve momenten die belangrijk zijn voor Judo Koksijde?
Jelle: "Elk jaar in maart is er onze spaghettiavond. Ideaal om alle ouders en sympathisanten eens samen te brengen, zeker voor wie geen tijd vindt om naar de zaal te komen."
T-d: Waar hoop je binnen pakweg 10 jaar te staan met de club?
Jelle: "Dat we zo kunnen voortdoen: kinderen uit Koksijde de kans geven om zich uit te leven dankzij deze polyvalente sport."
2 keer per jaar organiseert Judo Koksijde deze ontmoeting waarbij de beste judoka's extra ervaring opdoen. "Roeland startte met dit initiatief: 3 dagen intensief trainen met andere competitiesporters. Wie altijd met dezelfde vrienden oefent, evolueert minder snel", zegt organisator Jorne. "Veel clubs en federaties komen hier al jarenlang. Als voorbereiding op de kampioenschappen."
"We houden de prijs ook bewust laag en zorgen voor maaltijden en overnachtingen. Meestal komen er 300 tot 500 judoka's op af. Een logistiek huzarenwerk. Dankzij onze partners en Gemeente Koksijde spijzen we hiermee onze eigen clubkas." Deze stage lokt de beste judoka's uit o.a. Frankrijk, Engeland, Nederland en Duitsland. "En er komt ook elk jaar een 'grote naam' als trainer."